MODULE 4
Kennis van de gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening. In deze module gaat het om de structuur van de Nederlandse gezondheidszorg, de rol van de overheid, de organisaties, instanties en de wetgeving gericht op de gezondheidszorg, de invloed van de patiënten/cliënten en de bescherming van hun belangen. Kennis welke de afgestudeerde in staat stelt zijn weg binnen de Nederlandse gezondheidszorg te vinden en zijn eigen plaats daarbinnen te bepalen.
Afgestudeerde kan de verschillende niveaus van zorgverlening onderscheiden, waaronder:
- de begrippen zelfzorg, mantelzorg en basis gezondheidszorg en gespecialiseerde zorg onderscheiden;
- aangeven welk belang Gezondheidsvoorlichting en -opvoeding (GVO) dient en hier voorbeelden van noemen;
- de begrippen primaire, secundaire en tertiaire preventie onderscheiden en hiervan voorbeelden noemen.
Afgestudeerde kan een overzicht van de Nederlandse gezondheidszorg geven, zoals
- algemene, geestelijke en alternatieve gezondheidszorg onderscheiden en uitsplitsen naar intramurale, extramurale en semi-murale vormen van zorg;
- de vormen van zorg gerelateerd aan de leeftijd onderscheiden in prenatale zorg, natale zorg, kraamzorg, zuigelingenzorg, kleu
- Paranormale Geneeswijzen
- terzorg, jeugdgezondheidszorg, volwassenenzorg en ouderenzorg. De inhoud van deze zorg én de instanties die zich met deze zorg bezig houden tevens benoemen.
Afgestudeerde kan de rol van de overheid bij de Nederlandse gezondheidszorg beschrijven.
Afgestudeerde kan:
- de ministeries betrokken bij de gezondheidszorg en hun specifieke taken benoemen;
- de door de overheid in het leven geroepen instanties welke een uitvoerende dan wel een adviserende taak in het kader van de gezondheidszorg vervullen noemen en hun taak omschrijven;
- de rol van de provinciale en gemeentelijke overheid bij de gezondheidszorg noemen;
- de belangrijkste wetten op het terrein van de gezondheidszorg en hun doel noemen;
| Dit houdt onder meerr in: |
|
Afgestudeerde kan de vanuit particulier initiatief ontstane verenigingen en organisaties op het terrein van de gezondheidszorg globaal beschrijven.
- Organisaties Particulier Initiatief Stichting Natuurlijk Welzijn (zie www.natuurlijk-welzijn.org )
- Federatie van Opleidingen in de Natuurlijke Geneeswijzen (FONG) (zie deze website)
- Stichting Registratie Beroepsbeoefenaren Natuurlijke Gezondheidszorg (SRBAG) (zie www.srbag.nl )
- Stichting Tuchtrecht Beroepsbeoefenaren Natuurlijke Gezondheidszorg (TBNG) (zie www.tbng-tuchtrecht.nl )
- Stichting Ondersteuning Klachtopvang Gezondheidszorg (SOKG) (zie www.sokg.nl )
- Registratie- en ontwikkelingsinstituut Natuurlijke Geneeswijzen (RING) zie www.ringregister.nl )
- Koepel van Zorgverzekeraars Nederland (zie www.zn.nl )
- De Nederlandse Patiënten/Consumenten Federatie (NP/CF) (zie www.npcf.nl )
Beroepsorganisaties
- Diverse relevante beroepsverenigingen, die een tuchtrecht en een ethische code hanteren
- Koninklijke Nederlandsche Maatschappij ter bevordering der Geneeskunst (KNMG) (zie www.knmg.nl )
- Koninklijke Nederlandsche Maatschappij ter bevordering der Pharmacie (KNMP) (zie www.knmp.nl )
Afgestudeerde kan de verschillende sociale wetten met hun doelen, uitvoeringsorganen en bekostiging noemen.
Afgestudeerde heeft kennis van en inzicht in de rechten van de patiënt.
Afgestudeerde kan:
- de rechten van de patiënt zoals deze voortvloeien uit de WGBO in hoofdlijnen benoemen;
- binnen de kaders van de WGBO zijn beroep uitoefenen.
Afgestudeerde kent plaats en doel van de belangrijkste behandelwijzen binnen de Nederlandse gezondheidszorg.
- Afgestudeerde kan de samenhang aangeven tussen de disciplines in de reguliere gezondheidszorg en de verschillende disciplines in de natuurlijke behandelwijzen.
- Afgestudeerde kan communiceren over behandelwijzen met andere zorgverleners in de eerste en tweede lijn en met vakgenoten.
Dit houdt in:
- samenwerken met collega's;
- respect tonen voor de levensbeschouwelijke en culturele achtergronden van collega's;
- eigen werkwijze en beroepshouding bespreekbaar maken;
- zorgvuldig handelen in conflictsituaties;
- kunnen omgaan met feedback en kritiek.
- eventueel door verwijzen naar de huisarts en het RIAGG
- Afgestudeerde kan de eigen deskundigheid bevorderen.
Dit houdt in:
- vakliteratuur bijhouden;
- bij- en nascholing scholing volgen in het eigen vakgebied;
- thema-bijeenkomsten bijwonen;
- participeren in bijeenkomsten ter intercollegiale ondersteuning;
- reflecteren op het eigen beroepsmatig handelen;
Afgestudeerde dient de bereidheid te hebben te zijner tijd te participeren in maatschappelijke taken.
Dit houdt in:
- inspelen op maatschappelijke veranderingen in relatie tot het beroep zoals: natuurlijke behandelwijzen in de intramurale gezondheidszorg, natuurlijke behandelwijzen in het buitenland, natuurlijke behandelwijzen voor allochtonen.
- het belang van beroepsorganisaties en het eigen beroep weergeven in bijdragen, mondeling of schriftelijk.
- een bijdrage leveren aan belangenorganisaties zoals beroepsverenigingen, patiëntenverenigingen.
- desgewenst bekendheid geven aan de kwaliteit van het beroep door middel van de media.
- meewerken aan de ontwikkeling van het eigen beroepsprofiel in de natuurlijke behandelwijzen
--- Volgende module ---
