MODULE 4
Module 5 omvat de zogenoemde vrije ruimte en is geen module (zoals gedefinieerd in de begrippenlijst) in de zin dat deze niet wordt afgesloten met een verplicht examen. De vrije ruimte wordt door het opleidingsinstituut in overleg met de student individueel ingevuld. Omtrent de invulling geldt de voorwaarde dat de inhoud van de vrije ruimte ondersteunend moet zijn aan de eindtermen van één of meerdere van de modulen I t/m IV, dan wel ondersteunend aan de (latere) beroepsuitoefening. Qua mogelijke invulling valt te denken aan een korte stage bij een ervaren therapeut, huisarts of instelling voor traditionele gezondheidszorg, het volgen van de EHBO-cursus van het Oranje kruis, het verwerven van bekwaamheid op het gebied van tekstverwerking of een ander ondersteunend softwarepakket, een korte opfriscursus Scheikunde, Natuurkunde of Wiskunde, of een literatuurstudie over een bepaald onderwerp.
In deze vrije ruimte kan ook worden gekozen voor de volgende inhoud:
Een holistische benadering van klachten en ziektes
De holistische benadering van geneeskunde gaat ervan uit dat de klachten en ziektes van de mens benaderd worden vanuit alle niveaus en lagen in de natuur, de microkosmos en macrokosmos.
Zo dienen lichamelijk georiënteerde genezers en therapeuten verbanden te kunnen leggen met emotionele en mentale aspecten van klachten en ziektes. Lichaamsgerichte, emotioneel en mentaal georiënteerde therapeuten dienen rekening te houden met facetten die de natuurlijke genezers belichten.
Men kan bij klachten en ziektes globaal drie perspectieven onderscheiden:
Het intrapersoonlijk perspectief
Het intrapersoonlijk perspectief houdt in dat de mens verdeeld wordt in lichamelijke, emotionele en mentale niveaus. Bij klachten en ziektes dient de wisselwerking van al deze niveaus te worden onderzocht en geduid.
Het interpersoonlijk perspectief
Het interpersoonlijk perspectief houdt in dat de mens een sociaal wezen is, dat niet los kan worden gezien van zijn omgeving, zoals levenspartner, gezinssituatie, familiegeschiedenis, vriendenkring, collegae op het werk etc. Bij klachten en ziektes dient ook dit interpersoonlijk perspectief betrokken te worden.
Het transpersoonlijk perspectief
Hierbij gaan we ervan uit dat de kern van elk mens een tijdloos wezen is dat voor de geboorte bestond en na de dood zal voortbestaan. Dit transpersoonlijke en tijdloze wezen is één met de kosmos, de Natuur, het Zijn.
Het kan beleefd worden als een hier en nu bewustzijn waarin alle dualiteiten en scheidingen wegvallen.
Een mens is zich gewoonlijk niet bewust van deze Wezenskern. De egocentrische afgescheidenheidsbeleving van deze kosmische eenheid heeft te maken met onverwerkte ervaringen uit de geschiedenis van een mens.
Omdat de bewustwording van deze oorspronkelijke eenheid de diepste heling is, dienen klachten en ziektes in verband te worden gebracht met onverwerkte gevoelens van afgescheidenheid opgedaan in het verleden van deze persoon, dat holistisch benaderd dient te worden vanuit intrapersoonlijk, interpersoonlijk en transpersoonlijk perspectief.
Schematisch kan men de holistische benadering aldus typeren:
- analogie in alle lagen en niveaus
- elke verstoring wordt benaderd vanuit het grote geheel
- het helingsproces is een bewustwordingsproces
- het gaat om de totale harmonie en balans van een mens
ANDERE INVULLING VOOR EINDTERMEN MODULE 5
Holistische benadering
3.11.1 Afgestudeerde heeft kennis van en ervaring met geneeswijzen die klachten en ziekten holistisch benaderen vanuit intrapersoonlijk, interpersoonlijk en transpersoonlijk perspectief.
3.11.2 Afgestudeerde kan de verschillende vormen van geneeskunde en therapie plaatsen in termen van bestrijdende, additieve, ontdekkende, toedekkende en holistische therapie.
2.11.3 Afgestudeerde kan ziektes/mankementen plaatsen als een multi dimensionaal signaal en symbool en deze behandelen als bewustzijnsproces van afgescheidenheidsbeleving naar eenheidsbeleving.
3.11.4 Afgestudeerde heeft cognitieve kennis van de inzichten van de belangrijkste auteurs over de bovengenoemde onderwerpen.
3.11.5 Verder heeft afgestudeerde kennis van de eenheids-ervaringswereld beschreven door vroegere en eigentijdse mystici.
3.11.6 Afgestudeerde kent de belangrijkste ervaringsgerichte en inzichtsmethodes op de bovengenoemde gebieden en heeft ook ervaring met meditatie.
3.11.7 Afgestudeerde heeft kennis van de zin, de werking en beperkingen van deze methodes.
--- Terug naar het overzicht ---
