| Basisvorming | ||||||||||||
|
| Module 1 | + Medische basisvakken 320 SBU = 40% Somatische aspecten: Anatomie,fysiologie,pathologie, fysische diagnostiek. |
| Module 2 | + Sociaal maatschappelijke
basisvakken 240 SBU = 30% Omgaan met de cliënt: Waaronder de cliënt helpen de natuurlijke innerlijke vermogens te activeren (attitude, waarnemen en observeren); Psychologische aspecten Ontwikkelingspsychologie, psychopathologie, sociologie, filosofische antropologie. Persoonsvorming Sociale achtergronden: waaronder socialisatieprocessen, samenlevingsvormen, verscheidenheid aan zorgvragers (waaronder ouderen, culturele minderheidsgroepen, gehandicapten, chronisch zieken). |
| Module 3 | + Basisvakken natuurlijke
geneeswijzen 80 SBU = 10% Beroepsoriëntatie Natuurlijke Behandelwijzen Indeling en plaats van de Natuurlijke handelwijzen in de Nederlandse Gezondheidszorg Beroep op het zelfhelend vermogen van de cliënt: Waaronder bewustwording van de cliënt voor zijn eigen verantwoordelijkheid en behandelprogramma (basisprincipes en filosofie) Voedingsaspecten. |
| Module 4 | + kennis van de gezondheidszorg en
maatschappelijke dienstverlening 80 SBU = 10% Organisatie en structuur van de Nederlandse gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening. Wetgeving en patiënten/cliëntenrechten. |
| Module 5 | Vrije module 80 SBU = 10% |
Voor de verschillende modulen is een veelheid van concrete doelstellingen of eindtermen te formuleren. Deze tracht men terug te brengen tot een klein aantal categorieën. Men onderscheidt in het algemeen drie gebieden waarop ze betrekking hebben:
1. cognitieve doelstellingen (aspecten: perceptie, verbeelding, onthouden, herinneren, voorstellen, denken, kortom kennis en/of inzicht);
2. affectieve doelstellingen (op het gevoel, op de gemoedsbeweging betrekking hebbend ofwel interactieve of reactieve aspecten);
3. psychomotorische doelstellingen (behorend tot of betrekking hebbend op de bewegingen, die door de werking van de geest zijn veroorzaakt, kortom :vaardigheid).